Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Kwijtschelden van vorderingen, die het gevolg zijn van schending van de inlichtingenplicht, ontstaan na 1 januari 2013

Onderdeel van Beleidsregel Terugvordering, aflossing en kwijtschelding Participatiewet Den Haag 2017

Dit artikel is een wijziging van artikel 9 van de Beleidsregels 2014. a)Met de mogelijkheid om binnen 10 jaren (120 maanden) binnen een tijdsbestek van 132 maanden (11 jaar) af te lossen, heeft de debiteur 12 “adempauze” maanden. b) Ten aanzien van debiteuren die in het geheel niet aflossen, zoals degenen die vetrokken zijn onbekend waarheen (vobw), is het zinloos om na 10 jaar nog inspanningen tot terugvordering te plegen. De Participatiewet biedt expliciet de mogelijkheid voor gemeenten om uiteindelijk oninvorderbare vorderingen los te laten. c) Dit onderdeel in nieuw: een vordering, als gevolg van het schenden van de inlichtingenplicht, wordt kwijtgescholden als de belanghebbende gedurende tien jaar niet maandelijks heeft terugbetaald, maar uiteindelijk wel het achterstallige bedrag heeft betaald. Deze kwijtscheldinggrond is, evenals de overige kwijtscheldingsgronden, als "kan-bepaling" opgenomen in de Participatiewet, artikel 58 lid 7, onder b. Met het opnemen van deze bepaling in de Beleidsregels, maakt het college volledig gebruik van de kwijtscheldingsgronden van de wet. d) De Participatiewet biedt de mogelijkheid om een vordering kwijt te schelden als de debiteur 50% van de vordering in een keer betaalt. Echter hiermee kan een verkeerd signaal worden afgegeven, namelijk dat fraude zou lonen. Daarom geldt in de gemeente Den Haag een hoger aflossingspercentage (60%) voor afkoop binnen 2 jaar na ontstaan van de vordering; vervolgens loopt het afkooppercentage op, om de debiteur te stimuleren tot een snelle afkoop.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel