Dit is een nieuwe bepaling ten opzichte van de Beleidsregels 2014.
Dit is als “kan-bepaling” opgenomen in artikel 18a, dertiende lid, Participatiewet.
lid 1) Op grond van artikel 18a, dertiende lid, van de Participatiewet per 1 januari 2017 kan het college boetevorderingen geheel of gedeeltelijk kwijtschelden ten behoeve van een schuldregeling met als resultaat finale kwijting. Dit kwijtschelden kan alleen ingeval de boete is ontstaan door schenden van de inlichtingenplicht waarbij geen sprake is van opzet of grove schuld, met andere woorden: waarbij slechts sprake is van verminderde of gemiddelde verwijtbaarheid (conform de indeling van de mate van verwijtbaarheid van het schenden van de inlichtingenplicht, zoals de Centrale Raad van Beroep deze onderscheidt in de uitspraak van 24 november 2014). Het besluit tot kwijtschelding kan op grond van artikel 18a, dertiende lid, alleen plaatsvinden op verzoek van de belanghebbende. In werkinstructies zal worden opgenomen dat de consulent de belanghebbende actief wijst op het verzoek tot kwijtschelding. Dit om te borgen dat ook de meest kwetsbare personen voor kwijtschelding in aanmerking kunnen komen.
lid 2) Volgens artikel 18a, dertiende lid, Participatiewet geldt voor de kwijtschelding nog de voorwaarde dat de belanghebbende niet nogmaals de inlichtingenplicht schendt gedurende één jaar na het opleggen van de boete.
Daarom regelt dit tweede lid dat als de belanghebbende nogmaals de inlichtingenplicht schendt binnen één jaar nadat het besluit tot het opleggen van de boete is genomen, het college afziet van het besluit tot kwijtschelding. Indien het besluit tot kwijtschelding al is genomen, wordt dit ingetrokken of ten nadele van de belanghebbende herzien. Het schenden van de inlichtingenplicht moet dan wel definitief vaststaan (dus niet meer vatbaar zijn voor bezwaar of beroep).
lid 3) In artikel 18a, veertiende lid, Participatiewet is geregeld, dat als de belanghebbende opnieuw de inlichtingenplicht schendt binnen vijf jaar na het besluit tot kwijtschelding, dat besluit wordt ingetrokken of herzien ten nadele van de belanghebbende. Het bedrag dat ten tijde van de kwijtschelding resteerde moet alsnog worden betaald, ongeacht de afloop van de schuldregeling. Het schenden van de inlichtingenplicht moet dan wel definitief vaststaan (dus niet meer vatbaar zijn voor bezwaar of beroep).
Artikel 6
kwijtschelden van boete ten behoeve van een schuldregeling
Onderdeel van Beleidsregel Terugvordering, aflossing en kwijtschelding Participatiewet Den Haag 2017