De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering van het onderzoek volgens een door haar vastgestelde onderzoeksopzet.
Het feitelijke onderzoek wordt door de commissie bij voorkeur uitbesteed aan onderzoekers of externe deskundigen, tenzij aard en omvang van het onderzoek dat niet nodig maakt. De rekenkamercommissie is de opdrachtgever van de onderzoeken, geeft aanwijzingen tijdens het onderzoek en behoudt na het onderzoek alle zeggenschap over het onderzoeksmateriaal en de resultaten van het onderzoek.
De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren. De commissiekan ook tussentijds of na afronding van het onderzoek openbare informatieve vergaderingenbeleggen.
4.De commissie is bevoegd van de leden van het gemeentebestuur en van de ambtenarenmondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de uitvoering van het onderzoek. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren zijn verplicht de
gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te verstrekken.
5.De commissie stelt via de gemeentesecretaris de betrokken ambtenaren in de gelegenheid ombinnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, opmerkingen over de correctheid van het feitenonderzoek aan de commissie kenbaar te maken. Betrokken zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden aangemerkt.
6.Na de ambtelijke hoor en wederhoor ten aanzien van de feiten legt de commissie haarbevindingen en haar oordeel vast in een concept-rapport. De commissie formuleert daarbijhaar conclusies en aanbevelingen.
7.De commissie stelt het college in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn,die tenminste twee weken bedraagt, zijn zienswijze op het onderzoek en het rapport aan decommissie kenbaar te maken. De commissie voegt een eventuele zienswijze toe aan het
rapport.
8.De commissie vergadert in beslotenheid. De rapporten en verslagen van de commissie zijnopenbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid vanBestuur kan de commissie rapporten of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. De leden
van de commissie en degenen die ten behoeve van de commissie werkzaam zijn, zijn verplichttot geheimhouding van al hetgeen hen daarover ter kennis is gekomen.
9.Na vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport met de conclusies enaanbevelingen zo spoedig mogelijk aan de gemeenteraad aangeboden.
10.De gemeenteraad bespreekt het onderzoeksrapport en bepaalt een standpunt over deconclusies en aanbevelingen.
Artikel 3.4
Uitvoering van het onderzoek en rapportage
Onderdeel van Verordening rekenkamercommissie gemeente Westerveld 2017