Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 3

Artikel 4:11b

Gebruik maken van de vergunning

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Hoorn (APV)

1.. De vergunning wordt pas van kracht: a.. wanneer gedurende de bezwarentermijn geen bezwaren zijn ingediend: met ingang van de dag na de dag waarop termijn de afloopt; b.. wanneer gedurende de bezwarentermijn bezwaar is aangetekend: niet eerder dan dat afwijzend is beslist op bezwaar, tenzij een verzoek tot voorlopig voorziening is ingediend; c.. wanneer een verzoek tot voorlopige voorziening tijdens de bezwarenprocedure is ingediend: niet eerder dan dat afwijzend is beslist op het verzoek tot voorlopige voorziening. Van een omgevingsvergunning voor het (doen) vellen van een houtopstand, die noodzakelijk is voor het realiseren van een bouwwerk op grond van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht of uitrit op grond van artikel 2:12 van deze verordening, mag met inachtneming van het bepaalde lid 1 sub a, b en/of c, gebruik worden gemaakt, als de omgevingsvergunning voor het bouwwerk of de uitweg verleend is. Van het bepaalde in dit lid kan door het bevoegd gezag in een concreet geval worden afgeweken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel