Als beleidslijn vast te stellen dat:
onvergund bouwkundig gesplitste woningen, waarvan niet kan worden bepaald wanneer de woningen precies gerealiseerd zijn en aangekocht voor 1 april 2007, worden geformaliseerd via een wijziging in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen. Indien er naast het ontbreken van de vergunning niet wordt voldaan aan veiligheidsaspecten, wordt handhavend opgetreden tegen deze gebreken met betrekking tot de veiligheid
bij onvergund bouwkundig gesplitste woningen, waarvan niet kan worden bepaald wanneer de verbouwing heeft plaatsgevonden en aangekocht tussen 1 april 2007 en 1 januari 2017, wordt gehandhaafd op het ontbreken van een vergunning. Als er uit dit handhavingstraject een vergunningaanvraag voortvloeit, dan wordt deze getoetst aan de huidige wet- en regelgeving. Er wordt in beginsel ontheffing verleend of afgeweken van:
Oppervlakte beperkingen voor woningen voortvloeiende uit de Huisvestingsverordening van 1 november 2015, indien de aankoop voor deze datum heeft plaatsgevonden.
Oppervlakte beperkingen voor woningen voortvloeiende uit recente bestemmingsplannen. Indien er oppervlakte beperkingen golden ten tijde van de aankoop dan wordt daaraan getoetst.
Aangescherpte parkeereisen. Er wordt getoetst aan de parkeereisen, die golden ten tijde van de aankoop van het pand.
in de gevallen genoemd onder b. hoogstens afgeweken / ontheffing verleend wordt tot het niveau van de eisen die golden ten tijde van de aankoop.
bij onvergunde bouwkundige splitsingen aangekocht na 1 januari 2017 wordt gehandhaafd op vergunningen. Als er een vergunningaanvraag voortvloeit uit het handhavingstraject dan wordt dat getoetst aan de geldende wet- en regelgeving en beleidskaders, die gelden op het moment van de vergunningaanvraag.
Toepassingsgebied