**a..** In aanvulling op artikel 5:1 van de Subsidieregeling Individuele plaatsing en steun Den Haag 2017:Bij een aanvraag van subsidie dient de aanvrager aan te tonen in hoeverre de aanvrager als BTW-belaste ondernemer is aan te merken. Indien sprake van de situatie belast/onbelast (pro-rata) dient de in de subsidie aanvraag inbegrepen niet verrekenbare BTW onderbouwd/gespecificeerd te zijn. Daarvoor worden in die gevallen de volgende modellen gehanteerd:
**b..** Een verklaring waaruit blijkt in hoeverre de subsidieontvanger als BTW-belaste ondernemer is aan te merken;
**c..** Een specificatie van verrekenbare en niet-verrekenbare BTW;
**d..** Een verklaring waaruit blijkt in hoeverre de subsidieontvanger als belastingplichtige op grond van de vennootschapsbelasting is aan te merken.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4
Aanvraag
Onderdeel van Beleidsregels Individuele plaatsing en steun Den Haag 2017