Naar hoofdinhoud
1.. De houder voldoet voor de kwaliteit van VVE op alle onderdelen ten minste aan het niveau voldoende (3 punten), zoals bepaald in de meest recente bestandsopname/controle van de Inspectie van het Onderwijs. 2.. De houder werkt mee aan de uitvoering van het gemeentelijk beleid met betrekking tot de ontwikkeling van jonge kinderen. 3.. De houder voldoet aan de volgende voorwaarden: er loopt geen bestuursrechtelijke handhavingsprocedure voor het kinderopvangaanbod binnen de gemeente; de houder werkt aantoonbaar samen met het basisonderwijs zodat sprake is van een doorgaande ontwikkelingslijn met het basisonderwijs; er vindt overdracht plaats van peuters naar het primair onderwijs middels het overdrachtsprotocol; voor doelgroepkinderen vindt een warme overdracht plaats; houder maakt gebruik van een kind-volgsysteem dat aansluit op het systeem van de samenwerkende basisschool en dat is opgenomen in de databank effectieve jeugdinterventies van het NJI; er wordt gewerkt met een VVE-programma op alle groepen ongeacht of er doelgroeppeuters aanwezig zijn; pedagogisch medewerksters zijn gecertificeerd in de VVE-methode waarmee wordt gewerkt; er wordt gewerkt volgens een methode van opbrengstgericht werken; er is beleid ten aanzien van de ouderbetrokkenheid met speciale aandacht voor ouderbetrokkenheid bij de ontwikkeling van de kinderen; de leidsters hebben het taalniveau 2F voor schrijfvaardigheid en 3F voor spreek- en leesvaardigheid (afkomstig uit de Referentieniveaus taal van de commissie Meijerink); de houder legt bij inschrijving van het kind op een VVE-peuterplaats met de ouders vast: dat ouders om redenen van continuïteit hun kind ten minste één jaar ononderbroken deel zullen laten nemen; dat zij deelnemen aan de ouderactiviteiten, zoals die omschreven zijn in het pedagogische plan van de houder; dat zij instemmen met overdracht van gegevens van hun kind aan de door hen gekozen basisschool. de houder evalueert jaarlijks de interne Kwaliteit van VVE en geeft op basis daarvan de verbeterpunten aan.

Rechtspraak bij dit artikel