Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schulddienstverlening als:
de schuldenaar niet langer tot de doelgroep behoort;
het schulddienstverleningstraject succesvol is afgerond;
belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers van de gemeente misdraagt;
de schuldenaar in staat is om zijn schulden zelf of via diens netwerk te regelen;
de geboden bemiddeling, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de schuldenaar, niet (langer) doelmatig is;
de schuldenaar hier nadrukkelijk om verzoekt;
een nieuwe schuld is ontstaan tijdens de looptijd van het minnelijktraject;
blijkt dat de schuldenaar informatie heeft achtergehouden of onjuiste en/of onvolledige informatie heeft verstrekt;
schuldeiser(s) niet akkoord gaan met het voorstel van het college in het minnelijk traject;
er tijdens het traject een fraudevordering is onstaan, waarvan het bestuursorgaan heeft vastgesteld dat belanghebbende opzettelijk heeft gefraudeerd.
Artikel 8.
Beëindigingsgronden
Onderdeel van Beleidsregels schulddienstverlening 2016 gemeente Emmen