Naar hoofdinhoud
1.. Verplichtingen mogen, met inachtneming van de nota inkoopbeleid, slechts worden aangegaan nadat is geconstateerd dat ter zake een toereikend budget beschikbaar is. Bij ontoereikend budget wordt eerst voor ophoging van het budget gezorgd vóór dat de verplichting wordt vastgelegd. Dit kan door een budgetwijziging (binnen een product) een collegewijziging (binnen een programma) of een begrotingswijziging (als gevolg van een raadsbesluit). De budgetten van de (hulp)kostenplaatsen worden voor het beoordelen op voldoende budget als één geheel gezien. Voor het aangaan van een verplichting wordt niet beoordeeld op afzonderlijke budgetten. Verplichtingen vanaf € 5.000 tot € 20.000 mogen slechts worden aangegaan nadat minimaal één offerte is aangevraagd. De uitzonderingen zoals genoemd in het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing. 2.. Verplichtingen boven € 20.000 mogen slechts worden aangegaan nadat minimaal drie offertes bij verschillende leveranciers zijn aangevraagd. Op deze bepaling kan een uitzondering worden gemaakt bij werkzaamheden met een bijzonder of spoedeisend karakter, zulks ter beoordeling van de directeur. 3.. De budgethouder/budgetbeheerder/kredietbeheerder legt vast bij welke leveranciers hij offerte heeft gevraagd. 4.. Verplichtingen beneden € 5.000 moeten worden bevestigd met een opdrachtbon of een opdrachtbrief. 5.. Verplichtingen van € 5.000 of meer moeten worden bevestigd met een opdrachtbrief, met dien verstande dat in bijzondere, spoedeisende gevallen, na voorafgaande toestemming van de naasthogere functionaris op grond van deze regeling, kan worden volstaan met een opdrachtbon. 6.. Verplichtingen worden in het financiële systeem vastgelegd. 7.. In een opdrachtbrief moeten in ieder geval de afgesproken prijs, de realisatietermijn, het resultaat van de opdracht en de begeleiding vanwege de gemeente duidelijk worden benoemd. Uitzonderingen hierop zijn slechts mogelijk na toestemming van een directeur. 8.. In afwijking van het gestelde in de leden 2 en 3 van dit artikel, geldt voor werken dat verplichtingen vanaf € 5.000 tot € 50.000 slechts mogen worden aangegaan nadat minimaal één offerte is aangevraagd en dat verplichtingen boven € 50.000 slechts mogen worden aangegaan nadat minimaal drie offertes bij verschillende leveranciers zijn aangevraagd. De uitzonderingen zoals genoemd in het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing. 9.. Afwijkingen van het gestelde in dit artikel zijn slechts mogelijk in de gevallen zoals deze in de regeling verplichtingenadministratie behorende bij deze regeling zijn omschreven. 10.. De directie is bevoegd de lijst van kosten waarvoor het vastleggen van verplichtingen niet geldt, te wijzigen.

Rechtspraak bij dit artikel