1. Het college doet een aanbod voor ondersteuning dat past binnen de criteria van deze verordening en de op artikel 3.1 gebaseerde beleidsregels.
2. Een klant heeft geen recht op ondersteuning indien er een voorliggende voorziening is welke naar het oordeel van het college voldoende bijdraagt aan het behalen van de voor de klant hoogst haalbare participatietrede.
3. Het college legt in beleidsregels vast welke voorzieningen het college in ieder geval kan aanbieden.
4. Het college kan de voorwaarden die gelden voor de genoemde voorzieningen vaststellen in beleidsregels.
5. Het college kan aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden, in aanvulling op de verplichtingen die aan de inkomensvoorziening, waar de klant aanspraak op maakt, zijn verbonden.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Ondersteuning
Onderdeel van Participatieverordening gemeente Leeuwarden 2012