**1..** Ten behoeve van de ambtenaar wordt, onder de voorwaarde dat
hij daarvoor fiscale ruimte beschikbaar heeft en 20
bezwarende dienstjaren heeft op het moment van storting, op
de leeftijd van 53 jaar een bedrag in ABP Extra Pensioen
gestort ter hoogte van 57% van het geïndexeerde loon maal de
leeftijdsafhankelijke factor, die behoort bij de leeftijd
van 53 jaar. Hierbij is het geïndexeerde loon het gemiddelde
pensioengevend inkomen zoals dat bij ABP bekend is over de
dienstjaren tot 53 jaar maal de indexatie per betreffend
dienstjaar zoals door ABP is vastgesteld. Indien het loon
uit enig dienstjaar bij ABP niet bekend is, toont de
ambtenaar wat het loon is geweest.
**2..** Voor de ambtenaar, die op de leeftijd van 53 jaar nog geen
20 dienstjaren heeft, wordt het percentage van 57% genoemd
in het eerste lid gedeeld door 20 en vermenigvuldigd met het
aantal dienstjaren dat de ambtenaar heeft op de leeftijd van
53 jaar.
**3..** Wanneer de ambtenaar na de leeftijd van 53 jaar doorwerkt in
de bezwarende functie, wordt voor hem in ieder jaar tot de
leeftijd van 59 jaar of tot een moment hiervoor, wanneer
eerder 20 dienstjaren bereikt zijn, een bedrag in ABP Extra
Pensioen gestort ter hoogte van het inkomen in dat jaar x de
deeltijdfactor in dat jaar x 2,85% maal de
leeftijdsafhankelijke factor, die hoort bij de leeftijd op
het moment van het recht op uitbetaling. De leeftijd van 59
jaar is 60 jaar, wanneer het een functie betreft waaraan, op
31 december 2005, een FLO-leeftijd van 60 jaar was
verbonden.
**4..** Wanneer er onvoldoende fiscale ruimte is, wordt hetgeen niet
in ABP Extra Pensioen gestort kan worden, aan de ambtenaar
overgemaakt.
**5..** Ten behoeve van de ambtenaar die voor de leeftijd van 53
jaar uittreedt uit een bezwarende functie wordt, met
inachtneming van het vierde lid, het in het eerste lid
genoemde of, indien van toepassing, het in het tweede lid
genoemde bedrag in ABP Extra Pensioen, gestort op het moment
van uittreden, waarbij de leeftijdsafhankelijke factor wordt
toegepast die hoort bij de leeftijd op het moment van
uittreden en het gemiddelde loon wordt berekend tot het
moment van uittreden.
**6..** Het op grond van dit artikel uitgekeerde bedrag behoort niet
tot het pensioengevend inkomen als bedoeld in artikel 3.1
van het pensioenreglement van de Stichting Pensioenfonds
ABP.
**7..** Het op grond van dit artikel uitgekeerde bedrag behoort niet
tot de bezoldiging.
**8..** Bij opschuiven van het moment waarop mensen minder gaan
werken, als bedoeld in artikel 9b:26, vijfde lid, wordt het
aantal dienstjaren niet verhoogd met het aantal jaren na 59
jaar.
**9..** Bij opschuiven van het moment van onbezoldigd volledig
verlof, bedoeld in artikel 9b:35, vierde lid, wordt het
aantal dienstjaren niet verhoogd met het aantal jaar na 59
jaar. De leeftijd van 59 jaar is 60 jaar, wanneer het een
functie betreft waaraan, op 31 december 2005, een
FLO-leeftijd van 60 jaar was verbonden.