**1..** In deze nadere regels wordt verstaan onder:
aanbieder: het organisatorisch verband dat strekt tot verlening van zorg of ondersteuning;
algemene voorziening: voorziening die zonder beschikking van de gemeente toegankelijk is;
cliënt: persoon die gebruik maakt van een algemene voorziening of aan wie een maatwerkvoorziening in natura of pgb is verstrekt of door of namens wie een melding is gedaan als bedoeld in artikel 2.3.2 eerste lid van de wet;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik;
deskundige: de medewerker van het wijkteam of het Team Sociaal Domein, werkzaam voor de gemeente Medemblik;
gebruikelijke hulp; hulp die naar algemeen aanvaardbare opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van partners, inwonende kinderen en andere huisgenoten;
hulp sociaal netwerk; hulp die wordt geleverd door een persoon uit het sociale netwerk wat niet valt onder gebruikelijke zorg of hulp van een professionele zorgverlener;
personen of rechtspersonen die als vertegenwoordiger op kunnen treden van de cliënt zijn: de curator, de mentor of de gevolmachtigde van de cliënt, dan wel, indien zodanige personen ontbreekt, diens echtgenoot, de geregistreerde partner of andere levensgezel van de cliënt, tenzij deze persoon dat niet wenst, of indien ook zodanige persoon ontbreekt, diens ouder, kind, broer of zus, tenzij de cliënt dat niet wenst;
persoonlijk plan: als bedoeld in artikel 2.3.2 tweede lid van de wet, een plan van een cliënt waarin hij zijn omstandigheden als genoemd in artikel 5 beschrijft en aangeeft welke ondersteuning naar zijn mening het meest aangewezen is;
pgb: persoonsgebonden budget;
professionele zorgverlener: een zorgverlener die gekwalificeerd is om specifieke zorg te verlenen;
verordening: de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Medemblik 2017;
VOG; verklaring omtrent het gedrag
wet: de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
zzp-er: een persoon met minimaal het niveau van een verzorgende niveau 1 (Thuishulp A) en een passende opleiding van minimaal één jaar; zonder gezagsverhouding met degene voor wie het persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden wordt verstrekt;
**2..** Alle begrippen die in dit besluit worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, de verordening en de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1