Het college wijst de groepen inburgeringsplichtigen aan waaraan hij bij
voorrang een inburgeringsvoorziening dan wel een taalkennisvoorziening kan
aanbieden op basis van de volgende criteria:
de mate waarin inburgering van belang is om in het eigen
levensonderhoud te kunnen voorzien en de maatschappelijke
participatie te bevorderen.
het hebben van een opvoedingstaak.
de afstand tot de eindtermen van het inburgeringsexamen zoals
aangegeven in de Regeling tot uitvoering van de Wet inburgering
(Regeling inburgering);
motivatie om in te burgeren;