Per ingangsdatum van het onbetaald bijzonder verlof krijgt de medewerker in salarisschaal 6 en hoger, op grond van artikel 3:15 van de CAR, een maandelijkse garantietoelage van 25% van het verschil tussen het nieuwe en het oude salaris.
Per ingangsdatum van het onbetaald bijzonder verlof krijgt de medewerker in de salarisschaal 5 of lager een maandelijkse garantietoelage van 35% van het verschil tussen het nieuwe en het oude salaris. De medewerker die gebruik maakt van de KWR in functionele schaal 5 die bevorderd wordt naar de uitloopschaal 6 krijgt per ingangsdatum van de bevordering conform lid 1 van dit artikel een garantietoelage van 25%.
Daarnaast geldt voor de medewerker die maximaal 10 jaar verwijderd is van de pensioengerechtigde leeftijd, dat hij 100% pensioenopbouw behoudt over de oude arbeidsduur en het oude salaris.
Zowel de garantietoelage als de 100% pensioenopbouw geldt voor de periode van maximaal 7 jaar, gerekend vanaf de ingangsdatum van het onbetaald bijzonder verlof. In en na deze periode van 7 jaar heeft werknemer geen recht op terugkeer naar de uren waarvoor onbetaald bijzonder verlof is verleend.
Deelname aan de regeling eindigt als de medewerker uit dienst treedt.