VERBOD OPEN VUUR EN ROKEN
Het is verboden te roken of vuur te hebben:
in een ruimte in gebruik als opslagplaats van één of meer van de stoffen genoemd in de regeling Bouwbesluit brandveiligheid;
bij het verrichten van werkzaamheden die het uitstromen van brandbare vloeistoffen of gassen kunnen veroorzaken;
bij het vullen van een brandstofreservoir met een brandbare vloeistof of een brandbaar gas.
Van het verbod gesteld in het eerste lid kunnen burgemeester en wethouders ontheffing verlenen.
ARTIKEL 2.3.6
VERBODEN HANDELINGEN MET STOFFEN
Het is verboden een brandbaar gas of gasmengsel uit een vat te doen overstromen in een ander vat dat niet bestemd of ingericht is om dat gas of gasmengsel te bevatten.
Het is verboden gassen of gasmengsels in drukvaten of in leidingen te verwarmen.
Het is verboden een brandbaar gas te bezigen voor het vullen van speelgoed-, hobby- en sportartikelen, anders dan luchtvaartuigen bedoeld in de Regeling inzake het met bepaalde luchtvaartuigen opstijgen van en landen op alsmede het inrichten van niet als luchtvaartterreinen aangewezen terreinen.
Het is verboden een brandbare vloeistof, een brandbaar gas of gasmengsel of een brandbare damp te laten wegstromen op zodanige wijze dat daardoor brand kan ontstaan.
Het is verboden gloeiende vaste stoffen op te slaan, te vervoeren of weg te gooien op zodanige wijze dat daardoor brand kan ontstaan.
ARTIKEL 2.3.7
MELDEN VAN BRAND EN BROEI
Ieder die brand of broei ontdekt of deze vermoedt, is verplicht dit onmiddellijk aan de brandweer te melden.
HOOFDSTUK 2 › PARAGRAAF 3
Artikel 2.3.5
Artikel 2.3.5
Onderdeel van Brandbeveiligingsverordening voor de gemeente Heerlen