Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 13.

Zeer ernstige misdragingen

Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Dronten 2017

1.. Als een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover het college of zijn ambtenaren, personen en instanties die zijn belast met de uitvoering van de Participatiewet als bedoeld in artikel 9, zesde lid, van die wet, wordt een verlaging opgelegd van: a.. 100% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij het uitoefenen van fysiek geweld tegen de in het eerste lid genoemde personen; b.. 40% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij het uitoefenen van fysiek geweld tegen materiële zaken en bij mondelinge en/of schriftelijke bedreigingen gericht tegen de in het eerste lid genoemde personen. c.. 20% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij mondelinge en schriftelijke beledigingen tegen de in de aanhef van dit lid genoemde personen en instanties. 2.. Als een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover het college of zijn ambtenaren, personen en instanties die zijn belast met de uitvoering van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers of Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, als bedoeld in artikel 37, lid 1 onder g van deze wetten, wordt een verlaging opgelegd van: a.. 100% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij het uitoefenen van fysiek geweld tegen de in het eerste lid genoemde personen; b.. 40% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij het uitoefenen van fysiek geweld tegen materiële zaken en bij mondelinge en/of schriftelijke bedreigingen gericht tegen de in het eerste lid genoemde personen. c.. 20% van de bijstandsnorm voor de duur van één maand, bij mondelinge en schriftelijke beledigingen tegen de in de aanhef van dit lid genoemde personen en instanties.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel