**1..** Een subsidie wordt in eerste instantie voorlopig verleend.
**2..** Op een voorlopig toegekende subsidie kan een voorschot worden verleend van 50 %, uit te betalen na het verrichten van het inventariserend veldonderzoek.
**3..** De aanvrager meldt het werk gereed bij de subsidieverstrekker , zodra het plan is uitgevoerd.
**4..** Voor gereedmelding stelt het college een gereedmeldingsformulier beschikbaar.
**5..** De aanvrager overlegt bij de gereedmelding de volgende stukken:
een specificatie van de werkelijk gemaakte kosten;
alle betalingsbewijzen of een accountantsverklaring die daar inzicht in geeft;
De definitieve rapportage volgens de door het college vastgestelde Programma van Eisen;
De pakbon van de overdracht van vondsten en data van het provinciaal depot voor bodemvondsten;
De onder c en d genoemde stukken moeten binnen twee kalenderjaren na de laatste dag van het veldonderzoek worden ingeleverd.
**6..** Het college stelt na gereedmelding het bedrag van de subsidie definitief vast.
**7..** De vaststelling gebeurt op basis van de door het college goedgekeurde werkelijke kosten.
**8..** De definitieve subsidie kan nimmer meer bedragen dan het bedrag van de voorlopig toegekende subsidie.
**9..** Indien de definitieve subsidie lager is dan het uitbetaalde voorschot, betaalt de subsidieontvanger het verschil terug binnen 30 dagen na vaststelling.
Hoofdstuk 2
Artikel 8