Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 4.1

Voorwaarden persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening Wet Maatschappelijke Ondersteuning gemeente Cranendonck 2015

Om in aanmerking te komen voor persoonsgebonden budget moet de cliënt een budgetplan opstellen. In het budgetplan geeft de cliënt onder andere aan: • welke zorg hij/zij nodig heeft; • waarom hij/zij aan de slag wil met een persoonsgebonden budget; • wat hij/zij wil realiseren; en • hoe hij/zij deze wil inkopen (tegen welke prijs); en • hoe de hulp bijdraagt in het resultaat (o.a. kwaliteit). Dit is geen limitatieve opsomming. Het plan is een goede manier om de eigen regie in beeld te brengen en helpt startende budgethouders op weg. Artikel 2.3.6 lid 2 en 4 van de wet bevatten een aantal (deels facultatieve) criteria om in aanmerking te komen voor een persoonsgebonden budget. In aanvulling daarop bevat dit artikel een aantal weigeringsgronden voor een persoonsgebonden budget. Deze sluiten deels aan bij de verplichting voor de cliënt om een budgetplan te overleggen, indien hij in aanmerking wil komen voor een persoonsgebonden budget. Voor het overige zijn de weigeringsgronden afgeleid van de Regeling subsidies AWBZ.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel