**1..** Binnen de uitgangspunten van deze regeling stelt het bestuur jaarlijks voor 1 maart een kadernota vast voor de bedrijfsvoering van IJSSELgemeenten. Het bestuur zendt deze kadernota terstond na vaststelling ter kennisname aan de raden van de gemeenten.
**2..** Het bestuur stelt elk jaar vóór 15 april een ontwerpbegroting en een toelichting van baten en lasten op voor het volgende kalenderjaar. De begroting is zodanig ingericht dat daaruit blijkt welke kosten verband houden met de uitvoering van het basistakenpakket en de instandhouding van IJSSELgemeenten.
**3..** Het bestuur zendt de ontwerpbegroting acht weken voordat deze door het bestuur wordt vastgesteld, doch uiterlijk 1 mei, toe aan de raden en de colleges van de gemeenten.
**4..** Indien het bestuur een groei in het benodigd budget voorziet ten gevolge van veranderd beleid, dan wordt dit door het bestuur toegelicht.
**5..** De raden van de gemeenten kunnen binnen acht weken na toezending van de ontwerpbegroting het bestuur hun zienswijze schriftelijk doen blijken.
**6..** Het bestuur stelt de begroting vóór 1 juli vast in het jaar voorafgaande aan het jaar waarover zij dient.
**7..** Het bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval voor 15 juli, aan de raden en de colleges van de gemeenten en aan gedeputeerde staten.
**8..** Het bestuur zendt ontwerpbegrotingswijzigingen acht weken voordat deze aan door het bestuur worden vastgesteld, toe aan de raden en de colleges van de gemeenten. Het vijfde lid is van overeenkomstige toepassing. Het zevende lid is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de datum van 15 juli niet van toepassing is.
Hoofdstuk 9.
Artikel 30.
Kadernota en begroting
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling IJSSELgemeenten