Naar hoofdinhoud
1.. Alle begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wet Kinderopvang), de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet. 2.. In deze beleidsregel wordt verstaan onder: de wet: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wet Kinderopvang). het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeenten Eijsden-Margraten, GulpenWittem, Meerssen, Maastricht, Vaals en Valkenburg aan de Geul. uitkering: algemene bijstand op grond van de Participatiewet, alsmede een uitkering op grond van de IOAW en IOAZ. tegemoetkoming: een bijdrage in de kosten van kinderopvang op basis van sociaal medische gronden. sociaal medische gronden: beperkingen in de opvoed- en opgroeisituatie van het kind waarbij deelname aan kinderopvang een adequate voorliggende en/of aanvullende voorziening vormt in de integrale aanpak de niet vrij toegankelijke vormen van Jeugdhulp vanuit de Jeugdwet en waarbij de kinderopvang bijdraagt aan het verbeteren van de mogelijkheden voor het kind om gezond en veilig op groeien en dreigende ontwikkelingsachterstanden te voorkomen. Daarbij dient er een verband te bestaan tussen de ondervonden beperkingen en de noodzaak tot het gebruik maken van kinderopvang. belastingtabel kinderopvangtoeslag: de op grond van artikel 8 Besluit kinderopvangtoeslag geldende tabel waarin de inkomensafhankelijke percentages voor de tegemoetkomingen in de kosten kinderopvang zijn opgenomen. houder:degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een kindercentrum of een gastouderbureau exploiteert ofwel de gastouder die een voorziening voor gastouderopvang exploiteert. team Jeugd: een team van professionals die samen met de jongeren en ouders kijken naar de ondersteuningsof hulpverleningsbehoefte en een aanvraag kunnen indienen voor SMI bij een uitvoeringsorganisatie. kinderopvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen door een kindercentrum, peuterspeelzaal of gastouderbureau welke staat ingeschreven in het landelijke register kinderopvang en peuterspeelzalen (LRKP). kindercentrum: een kinderdagverblijf of buitenschoolse opvang. de ouder: de (pleeg)vader/(pleeg)moeder van het kind, dienst partner of de verzorger van het kind en diens partner. adequate voorliggende voorziening: elke voorziening die geschikt is voor de opvang van het kind en waarop de ouder aanspraak kan maken, inclusief opvang in de privésfeer. 3.. Waar het in deze beleidsregel gaat over de ouder, wordt tevens bedoeld de andere ouder of partner waarmee de ouder een gezamenlijke huishouding, als bedoeld in de Participatiewet, voert. 4.. Waar het in deze beleidsregel gaat over de ouder en partner, worden de ouder en diens partner die tevens ouder is, voor toepassing van deze beleidsregel geacht gezamenlijk aanspraak te maken op de tegemoetkoming.

Rechtspraak bij dit artikel