In deze paragraaf wordt verstaan onder:
inkomen: totaal van het bruto jaarinkomen zoals bekend bij belastingdienst;
minimuminkomen: bruto jaarinkomen dat niet hoger is dan 120 procent van de van toepassing zijnde bijstandsnormen zoals genoemd in de artikelen 21 en 22 van de Participatiewet
peiljaar: het kalenderjaar dat direct voorafgaat aan het kalenderjaar waarin de aanvraag isingediend;
aannemelijke meerkosten (i.v.m. chronische ziekte of beperking): kosten die samenhangenmet een beperking, chronische ziekte of chronische psychische of psychosociale problemendie de cliënt belemmeren in zijn zelfredzaamheid en participatie en die niet op andere wijzeworden vergoed;
tegemoetkoming: forfaitaire financiële vergoeding als bedoeld in artikel 36;
ten laste komend kind: het kind als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e van de Participatiewet.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1
Artikel 28
– Begripsomschrijving
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Groningen 2017