Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 42

– Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en Pgb’s

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Groningen 2017

1.. De bijdrage in de kosten is verschuldigd over het resultaat dat staat beschreven in het ter zake door het college genomen besluit tot het verstrekken van de maatwerkvoorziening of Pgb. De bijdrage in de kosten moet voldaan worden ook indien de cliënt meent dat het afgesproken resultaat met de maatwerkvoorziening in de praktijk niet wordt gerealiseerd. 2.. Het college kan een bijdrage in de kosten van een tegemoetkoming aannemelijke meerkosten vragen overeenkomstig het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en deze Nadere regels. 3.. Voor maatwerkvoorzieningen en Pgb’s, met uitzondering van opvang en beschermd wonen wordt een bijdrage opgelegd tot maximaal de kosten van de voorziening en zolang van de voorziening gebruik wordt gemaakt. 4.. De kosten van de voorziening per vier weken worden als volgt vastgesteld: Voor diensten in natura: het aantal per vier weken geleverde uren, dagdelen of etmalen tegen door het college vastgestelde tarieven. Het college bepaalt deze tarieven door een aanbesteding of na een consultatie in de markt of in overleg met de aanbieder; Voor diensten in de vorm van een Pgb: de hoogte van het budget omgerekend naar een bedrag per vier weken; Voor voorzieningen in natura: de werkelijke of gemiddelde nieuwprijs (incl. afkoop accessoires, onderhoud, verzekering e.d.) gedeeld door de gemiddelde levensduur van de voorziening omgerekend naar een bedrag per vier weken. Het college kan voor deze berekening de noemer hoger maken dan de feitelijke gemiddelde levensduur; Voor voorzieningen de vorm van een Pgb: de hoogte van het budget omgerekend naar een bedrag per vier weken; Voor tegemoetkoming aannemelijke meerkosten indien de bijdrage regeling van toepassing is: de tegemoetkoming omgerekend naar een bedrag per vier weken; Voor bouwkundige of woontechnische woningaanpassingen, voor een woonunit, woningsanering en verhuizen in natura: de werkelijke of gemiddelde kosten, omgerekend naar een bedrag per 4 weken; Voor een Pgb voor een bouwkundige of woontechnische woningaanpassing voor een woonunit, woningsanering en verhuizen in natura:: de hoogte van het budget, omgerekend naar een bedrag per 4 weken. 5.. In afwijking van het eerste lid en behoudens de gevallen als bedoelt in artikel 3.8, vierde lid onder a, b. c, d en e van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 is eveneens geen bijdrage verschuldigd voor de volgende voorzieningen: tijdelijke huisvesting, waaronder niet is begrepen het bijplaatsen van een woonunit; huurderving; over het Pgb dat wordt verstrekt voor informele individuele begeleiding; woningaanpassingen in een gemeenschappelijke ruimte op grond van artikel 5, derde lid, onder c, van de verordening. 6.. De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de bijdrage voor een maatwerkvoorziening, Pgb of, indien het college dat heeft bepaald, tegemoetkoming aannemelijke meerkosten zijn gelijk aan de maxima die zijn genoemd in paragraaf een en twee van hoofdstuk drie van het Uitvoeringsbesluit maatschappelijke ondersteuning 2015. 7.. Voor collectief vervoer is een bijdrage verschuldigd aan de vervoerder die gebaseerd is op het tarief van het openbaar vervoer. 8.. Voor een cliënt die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, wordt voor woningaanpassingen een bijdrage overeenkomstig deze Nadere regels geheven van de onderhoudsplichtige ouders of anderen die het ouderlijk gezag uitoefenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel