**1..** De voorzitter en plaatsvervangende voorzitters van de commissies worden aangewezen door de raad uit zijn midden, voor de duur van de zittingsperiode van de raad. De voorzitter heeft geen stem in de vergadering. De plaatsvervanging van de voorzitter vindt als regel plaats bij wijze van onderlinge vervanging volgens een door de raad vast te stellen rooster, met dien verstande dat een dergelijke vervanging niet mogelijk is indien hij lid is van die commissie. Indien vervanging volgens het vastgestelde rooster niet mogelijk is, wijst de commissie op adhoc basis een voorzitter uit hun midden aan.
**2..** Regel is dat de commissies bestaan uit tenminste 1 lid van elke raadsfractie, zulks met dien verstande dat elke fractie de mogelijkheid heeft om, naast een eventueel aangewezen lid als commissievoorzitter, alle tot die fractie behorende raadsleden en eventueel één door die fractie aan te wijzen fractieassistent ter aanwijzing als lid van één der commissies voor te dragen. Daarbij wordt wel een evenredige spreiding over de commissies voorgestaan. Per onderwerp (agendapunt) wordt per fractie in principe het woord gevoerd door één fractielid.
**3..** De aanwijzing van de vaste leden geschiedt door de raad op basis van een daartoe door de fractie in te dienen voordracht voor de duur van de zittingsperiode van de raad. Een eventuele plaatsvervanging wordt vanuit de raadsfractie geregeld, onder de voorwaarde dat voor deze aanwijzing dezelfde criteria als genoemd onder lid 4 van dit artikel gelden. Bij een plaatsvervanging wordt vooraf aan de vergadering melding gedaan aan de secretaris van de commissie.
**4..** Als vaste leden zijn benoembaar alle leden van de gemeenteraad en het eventueel door de fractie voor te dragen burgerlid, dat door de fractie is aangewezen als fractieassistent.
**5..** Een burgerlid aanvaardt zijn benoeming schriftelijk en verklaart zich te houden aan de bepalingen zoals genoemd in het commissiereglement en in de Verordening Fractieassistenten.
**6..** Het lidmaatschap van een commissie eindigt wanneer de betrokkene geen deel meer uitmaakt van de raad of door beëindiging van het fractieassistentschap.
**7..** In tussentijds openvallende plaatsen in een commissie wordt binnen zes weken na het openvallen of, indien gelijktijdig een vacature in de raad is ontstaan, binnen zes weken, nadat het ter vervulling van die vacature benoemd verklaarde lid zitting heeft genomen, voorzien.
Hoofdstuk 2
Artikel 4