**1..** De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter worden door het Algemeen Bestuur uit zijn midden aangewezen en treden als zodanig op in het Algemeen en het Dagelijks Bestuur.
**2..** De bepalingen in deze paragraaf zijn van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangend voorzitter.
**3..** Het voorzitterschap eindigt indien de betrokkene ophoudt lid van het Algemeen Bestuur te zijn. Alsdan voorziet het Algemeen Bestuur zo spoedig mogelijk in de vervanging.
§ 5
Artikel 17
Artikel 17
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling ‘hûs en hiem, welstandsadvisering en monumentenzorg’