Naar hoofdinhoud
Voor de gemeente Nissewaard fungeren interne en externe vertrouwenspersonen voor ongewenst gedrag. Voorafgaand aan de procedure zoals bedoeld in deze regeling kunnen medewerkers van de gemeente Nissewaard die worden geconfronteerd met ongewenst gedrag binnen de organisatie zich om advies en hulp tot een interne of externe vertrouwenspersoon wenden. De taken van de externe vertrouwenspersoon reiken hierbij verder dan de taken van de interne vertrouwenspersoon. Bijgaand wordt dat toegelicht. Interne vertrouwenspersoon Tot de taak van de interne vertrouwenspersoon behoort in dit verband: het fungeren als aanspreekpunt, luisterend oor en sparringpartner voor personen die met ongewenst gedrag worden geconfronteerd. Met betrekking tot het functioneren van de interne vertrouwenspersonen geldt het volgende: zij zullen in alle gevallen zorgvuldigheid betrachten met het oog op de belangen van de direct betrokkenen en van alle eventueel bij ongewenst gedrag betrokken andere personen; zij zullen niet zonder toestemming van de betrokkene(n) informatie met derden delen; zij gaan niet in op geruchten over ongewenst gedrag; zij hebben verschoningsrecht. Externe vertrouwenspersoon Tot de taak van de externe vertrouwenspersoon behoort in dit verband: het fungeren als aanspreekpunt voor personen die met ongewenst gedrag worden geconfronteerd. het ondernemen van actie, bijvoorbeeld in de vorm van bemiddeling, ter voorkoming of bestrijding van ongewenst gedrag; het adviseren omtrent de mogelijkheid en wenselijkheid tot het indienen van een klacht bij de in artikel 2 van deze regeling bedoelde klachtencommissie; het doorverwijzen naar andere hulpverlenende instanties binnen of buiten de organisatie indien gewenst het behulpzaam zijn bij de indiening van een klacht en de behandeling daarvan door de klachtencommissie; het verstrekken van inlichtingen over de mogelijkheden ter voorkoming en bestrijding van ongewenst gedrag; Met betrekking tot het functioneren van de externe vertrouwenspersonen geldt het volgende: zij zullen in alle gevallen zorgvuldigheid betrachten met het oog op de belangen van de direct betrokkenen en van alle eventueel bij ongewenst gedrag betrokken andere personen; zij zullen alleen met toestemming van degene die zich tot hen wendt, actie in concrete gevallen van beweerde ongewenst gedrag ondernemen; zij zullen niet zonder toestemming van de betrokkene(n) informatie bij derden op de werkplek inwinnen; zij gaan niet in op geruchten over ongewenst gedrag; zij hebben verschoningsrecht. De vertrouwenspersonen worden aangewezen door het bevoegd gezag.

Rechtspraak bij dit artikel