Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10 › Paragraaf 10.2

Artikel 10.2.6

Vaststellen draagkracht

Onderdeel van Beleidsregels sociaal domein gemeente Uitgeest 2017

1.. Het college stemt de boete af op de draagkracht van belanghebbende door de fictieve draagkracht te vermenigvuldigen met 24 maanden in geval van opzet, 18 maanden in geval van grove schuld, 12 maanden in geval van normale verwijtbaarheid en 6 maanden in geval van verminderde verwijtbaarheid. 2.. Onder fictieve draagkracht wordt verstaan de financiële ruimte boven 90% van de toepasselijke uitkeringsnorm op het moment van het opleggen van de boete. 3.. Indien belanghebbende geen inkomen heeft of het inkomen bedraagt minder dan 90% van de toepasselijke uitkeringsnorm, dan gaat het college uit van een boete van € 45 x het toepasselijke aantal maanden. 4.. Het college betrekt het vermogen bij de vaststelling van de draagkracht als één of meer van de volgende situaties van toepassing is: er is sprake van opzet of grove schuld; de schending van de inlichtingenplicht bestaat uit het verzwijgen van vermogen.

Rechtspraak bij dit artikel