**1..** De belanghebbende wordt geacht de kosten, die verband houden met de in de titel van dit artikel genoemde kosten welke behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, primair uit zijn eigen middelen, inkomen, vermogen dan wel de individuele inkomens- of studietoeslag te voldoen; hetzij door reservering, hetzij door gespreide betaling achteraf waarbij rekening wordt gehouden met de draagkrachtbepalingen als bedoeld in paragraaf 7.1 van deze beleidsregels. Dit geldt ook voor de kosten van de eerste woninginrichting.
**2..** Als de belanghebbende niet zelf in de kosten kan voorzien is een geldlening van de Kredietbank een voorliggende voorziening.
**3..** Wanneer wegens bijzondere omstandigheden reserveren niet of niet voldoende mogelijk was en een geldlening via de Kredietbank ook niet mogelijk is, kan bijzondere bijstandsverlening aan de orde zijn. Bij het bepalen van de noodzaak is het van belang of de aanschaf voorzienbaar was en gereserveerde gelden al zijn verbruikt voor andere duurzame goederen.
**4..** Als bijzondere bijstand voor inrichtingskosten en/of duurzame gebruiksgoederen wordt verleend, dan is dat in de vorm van een lening en moet deze worden terugbetaald zoals beschreven in artikel 7.1.11 van deze beleidsregels.
**5..** Voor stofferingskosten die naar hun aard niet als duurzame gebruiksgoederen mogen worden gezien, zoals verf, vloerbedekking en behang, kan een maatwerkvoorziening om niet worden verstrekt. De maatwerkvoorziening kan (slechts) als lening worden verstrekt als zich ten aanzien van belanghebbende omstandigheden voordoen als bedoeld in artikel 48, tweede lid van de Participatiewet.
**6..** In afwijking van het eerste lid geldt voor de eerste woninginrichting van toegelaten vluchteling dan wel uitgenodigde asielzoeker het volgende:
een maatwerkvoorziening wordt verstrekt voor de kosten van de eerste woninginrichting in de vorm van een renteloze geldlening;
voor het in redelijkheid bepalen van de hoogte van de noodzakelijke kosten bij complete woninginrichting wordt uitgegaan van de goedkoopst adequate inrichting met een maximale vergoeding van 70% van de normbedragen zoals opgenomen in de prijzengids van het Nibud, tenzij deze beleidsregels anders bepalen;
de aflossing dient zoveel mogelijk plaats te vinden door middel van inhouding op de uitkering Participatiewet.
**7..** Als de lening voor een volledige inrichting door de Kredietbank wordt verstrekt, geeft de gemeente een borgstelling af en verstrekt een aflossingssuppletie.
Hoofdstuk 7 › Paragraaf 7.9
Artikel 7.9.1
Stofferings- en inrichtingskosten, duurzame gebruiksgoederen (inclusief witgoed en babyuitzet)
Onderdeel van Beleidsregels sociaal domein gemeente Uitgeest 2017