** 1. .** De gezagvoerder van een vaartuig is verplicht ervoor te zorgen dat zijn schip, zolang het een ligplaats neemt, deugdelijk en behoorlijk is afgemeerd. Hij mag daarbij de vlotte en veilige doorvaart niet belemmeren.
** 2. .** Het vastmaken mag niet anders geschieden dan aan de daartoe bestemde afmeermiddelen of aan de schepen, die aan die afmeermiddelen zijn vastgemaakt.