**1..** Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 5.000,- maar minder dan € 50.000, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:
bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten;
bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 april in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 4 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.
Indien een aanvraag tot vaststelling na de, in lid 1 onder a van dit artikel, genoemde bdatum ingediend wordt, kan het college besluiten de aanvraag alsnog in behandeling te nemen.
**2..** De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, en aan de verplichtingen is voldaan.
**3..** Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd.
**4..** De ontvanger van een subsidie welke wordt vastgesteld op basis van een inhoudelijk verslag als bedoeld in het tweede lid is verplicht de administratie gedurende 4 jaar te bewaren ten behoeve van een steekproef die het college periodiek ter controle kan uitvoeren.
HOOFDSTUK 7.
Artikel 17.