Deze verordening verstaat onder:
U-pas: een door of namens het college verstrekt document dat strekt ter bevordering van maatschappelijke participatie;
U-pashouder: de rechtmatige houder van de U-pas;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht;
inwoner: de persoon die op het moment van aanvraag ingeschreven staat in de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Utrecht, dan wel van één van de gemeenten die de U-pas aanbiedt aan de eigen inwoners;
belanghebbende: de inwoner (18+) die een U-pas aanvraagt ten behoeve van zichzelf of zijn kind;
inkomen: de inkomsten van de aanvrager en zijn eventuele partner uit of in verband met arbeid of sociale zekerheidsuitkeringen, met uitzondering van de inkomsten uit arbeid van het ten laste komende kind of kinderen;
wettelijk sociaal minimum: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 20 t/m 23 van de Participatiewet inclusief toeslag, vakantiegeldreservering, exclusief eventuele heffingskortingen;
maatschappelijke participatie: Maatschappelijke participatie, ofwel meedoen, kan op verschillende manieren:
Schoolactiviteiten
Sport- of culturele activiteiten
Wijkactiviteiten
Sociale contacten
kind: het ten laste komende kind als bedoeld in artikel 4, eerste lid, aanhef en onderdelen d en e, van de Participatiewet, alsmede het pleegkind waarvoor de pleegouder een vergoeding ontvangt;
schoolgaand kind: het in onderdeel i. bedoelde kind, voor wie de leer- of kwalificatieplicht, bedoeld in artikel 4 van de Leerplichtwet, geldt.
U-pasjaar: het jaar waarin een U-pas geldig is, lopend van 1 juli tot 1 juli.
budget: het bedrag waarop de U-pashouder in een U-pasjaar aanspraak heeft ter besteding aan sportieve en culturele activiteiten.
U-pasbureau: de externe partij die in opdracht en onder verantwoordelijkheid van het college de U-pasregeling uitvoert.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Definities en begrippen
Onderdeel van Verordening U-pas 2017 gemeente Utrecht