Naar hoofdinhoud
1.. Het bestuursorgaan kande wet toepassen met betrekking tot reeds verleende beschikkingen als bedoeld en omschreven in artikel 2:1, indien: de verstrekte beschikking betrekking heeft op een locatie, die gelegen is in een concreet bepaald gebied, dat op basis van een daartoe genomen besluit van het bestuursorgaan na de verstrekking van de beschikking, is aangewezen als risicogebied; de verstrekte beschikking betrekking heeft op een branche of onderdeel van een branche, die op basis van een door het bestuursorgaan genomen besluit ná de verstrekking van de beschikking is aangewezen voor een generieke Bibob-toets; vanuit eigen informatie dan wel vanuit informatie van een of meerdere partners binnen het RIEC, er aanwijzingen zijn dat er sprake is van een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet; informatie als bedoeld in artikel 11 juncto 26 van de wet  is verkregen, vanuit het Openbaar Ministerie, direct of als reactie op een door haar ontvangen signaal van het Bureau, die duidt op een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet; bekend wordt, dat tegen betrokkene in een andere gemeente bij een Bibob-toets een ernstige mate van gevaar is geconstateerd en aan betrokkene alhier een soortgelijke beschikking is verstrekt. In geval aan betrokkene in meerdere gemeenten binnen het RIEC eerder al een soortgelijke beschikking is verleend, zal het bestuursorgaan het RIEC om coördinatie in de Bibob-toets verzoeken. 2.. Bij een weigering om de Bibob-vragenformulieren volledig ingevuld te retourneren, zullen allereerst de daartoe gestelde regels als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht toegepast worden. Bij volharding zal de weigering worden beschouwd als een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 4 juncto artikel 3 van de wet. De verstrekte vergunning zal als gevolg daarvan worden ingetrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel