Het college kan de ligplaatsvergunning intrekken indien:
**1..** de ligplaatsvergunning ten gevolge van onjuiste opgave of informatie is verleend;
**2..** de gegevens in de ligplaatsvergunning niet meer overeenstemmen met de werkelijke situatie;
**3..** gedurende 6 weken geen vaartuig bij de ligplaats heeft gelegen en, na een aanmaning hiertoe van het college, gedurende een tweede termijn van 6 weken door de vergunninghouder geen vaartuig bij de ligplaats wordt aangelegd;
**4..** de vergunninghouder hierom verzoekt;
**5..** de vergunninghouder zijn betalingsverplichtingen tot het innemen van een ligplaats niet nakomt;
**6..** de ligplaats geheel of gedeeltelijk in gebruik is bij een ander dan diegene aan wie de vergunning is verstrekt.
Hoofdstuk 2
Artikel 8
Intrekkingsgronden ligplaatsvergunning
Onderdeel van Verordening voor vaartuigen en ligplaatsen Bloemendaal