**1..** Onder verwijzing naar artikel 10a van de WWB onderscheidenlijk artikel 38a van de IOAW en artikel 38a van de IOAZ, kan het college degene voor wie de kans op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die daardoor vooralsnog niet bemiddelbaar is op de arbeidsmarkt, onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten gedurende maximaal twee jaar.
**2..** Onverminderd het over participatieplaatsen bepaalde in de WWB, de IOAW en de IOAZ stelt het college bij uitvoeringsbesluit nadere regels over scholing of opleiding die toegang tot de arbeidsmarkt bevordert voor personen die op grond van artikel 10a van de WWB of op grond van artikel 38a van de IOAW of op grond van artikel 38a van de IOAZ additionele werkzaamheden verrichten en het verstrekken van een premie voor deelname aan onbeloonde additionele werkzaamheden.
**3..** Als additionele werkzaamheden niet beschikbaar zijn of deelname hieraan voor de betrokken persoon naar het oordeel van het college niet mogelijk is, kan het college toestemming verlenen om met behoud van uitkering maatschappelijk nuttige activiteiten te verrichten.
**4..** De periode waarvoor toestemming wordt verleend voor het met behoud van uitkering verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten wordt afgestemd op de individuele situatie van de belanghebbende en bedraagt maximaal 2 jaar per keer. Na afloop van de vastgestelde periode vindt herbeoordeling plaats.
Hoofdstuk 3
Artikel 15
Participatieplaatsen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Sociale Zekerheid 2010, Gemeente Drimmelen