Naar hoofdinhoud

Artikel 14.

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning

1.. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening zorg in natura dan wel pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot. 2.. De bijdrage, dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of het volgende lid een lagere bijdrage is verschuldigd. 3.. De bijdrage voor: Individuele begeleiding (alle categorieën), bedraagt € 26,10 per uur. Groepsbegeleiding (alle categorieën), bedraagt € 21,35 per dagdeel. Kortdurend verblijf, bedraagt € 22,66 per etmaal. Hulp bij het huishouden 1 is gelijk aan het laagste tarief dat door een door de gemeente gecontracteerde aanbieder wordt gehanteerd. Hulp bij het huishouden 2 is gelijk aan het laagste tarief dat door een door de gemeente gecontracteerde aanbieder wordt gehanteerd. 4.. Er wordt geen eigen bijdrage geïnd als een voorziening die in eigendom is verstrekt en waarvoor een eigen bijdrage is geïnd als gevolg van overlijden of verhuizen overgaat op de echtgenoot. 5.. Voor aanpassingen van een bestaande voorziening die lager zijn dan € 200,-- wordt de eigen bijdrage niet aangepast of verhoogd. 6.. De eigen bijdrage voor een woningaanpassing wordt maximaal 10 jaar geïnd. 7.. als er sprake is van een voorziening die in eigendom wordt verstrekt worden de volgende termijnen gehanteerd voor het innen van de eigen bijdrage. Deze zijn gelijk aan de afschrijvingstermijn: 10 jaar, als het een woningaanpassing, woonvoorziening, bruikleenauto, gesloten buitenwagen, trap- of plafondlift betreft; 7 jaar, als het overige voorzieningen betreft. 8.. Voor een vervoerspas Wmo vervoer wordt geen eigen bijdrage in rekening gebracht. Wel wordt een commerciële ritbijdrage in rekening gebracht. 9.. De kostprijs van een: maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb. 10.. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK vastgesteld en geïnd. 11.. Als de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd, is de bijdrage verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel