**1..** Degene aan wie krachtens deze verordening een individuele voorziening is verleend, is verplicht op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening.
**2..** Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, herzien of intrekken als het college vaststelt dat:
de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid;
de jeugdige of zijn ouders niet langer op de individuele voorziening of het daarmee samenhangende persoonsgebonden budget zijn aangewezen;
de individuele voorziening of het daarmee samenhangende persoonsgebonden budget niet meer toereikend is te achten;
de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden van de individuele voorziening of het persoonsgebonden budget, of
de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het daarmee samenhangende persoonsgebonden budget niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is bestemd.
**3..** Als het college een besluit op grond van het tweede lid heeft herzien of ingetrokken, kan het college de geldswaarde vorderen van de teveel of ten onrechte genoten individuele voorziening of het teveel of ten onrechte genoten persoonsgebonden budget. Het college kan de geldswaarde vorderen van de meerderjarige aanvrager(s) van het besluit.
**4..** Een besluit tot verlening van een persoonsgebonden budget kan worden ingetrokken als blijkt dat het budget binnen drie maanden na toekenning niet is aangewend voor inzet en bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden.
Hoofdstuk 5
Artikel 26
Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Gooise Meren 2017