Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 10

Zeer ernstig misdragen

Onderdeel van Maatregelenverordening Sociale Zekerheid 2010, gemeente Drimmelen

1.. Indien naar de mening van het college sprake is van het zich zeer ernstig misdragen door de belanghebbende die bijstand, een inkomensvoorziening of uitkering ontvangt of daartoe een aanvraag indient, wordt de bijstand, de inkomensvoorziening of de uitkering verlaagd met inachtneming van de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert. 2.. De hoogte van de maatregel als bedoeld in lid 1 bedraagt minimaal twintigprocent van de uitkeringsnorm, uitgedrukt in een bedrag, gedurende zesmaanden. 3.. Van het opleggen van de maatregel bedoeld in het eerste lid kan worden afgezien als de verwijtbaarheid van de gedraging volledig ontbreekt. Als binnen een periode van twee jaar, te rekenen vanaf de datum waarop de beschikking waarin van het afzien van het opleggen van de maatregel vanwege een ernstige misdraging mededeling wordt gedaan, opnieuw sprake zal zijn van een zeer ernstige misdraging, wordt een maatregel opgelegd. 4.. In aanvulling op de vorige leden kan, conform het bepaalde in het gemeentelijk agressieprotocol, door of namens het college aangifte worden gedaan bij de politie dan wel de toegang tot het stadhuis worden ontzegd.

Rechtspraak bij dit artikel