**1..** Bij een maatregel als bedoeld in artikel 9 derde lid, onder a, d en e, en artikel 11, wordt de maatregel toegepast over drie maanden waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de twee daaropvolgende maanden 1/3 van de maatregel wordt toebedeeld, voor gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onder b tot en met h, van de Participatiewet. Hiervan kan gemotiveerd worden afgeweken.
**2..** Als sprake is van een maatregel op grond van artikel 18, vierde lid, onder a, van de Participatiewet, vindt geen verrekening als bedoeld in het eerste lid plaats.
Paragraaf 2
Artikel 12