Naar hoofdinhoud
1.. In het besluit tot het opleggen van een maatregel op de uitkering als bedoeld in de artikelen 9a, twaalfde lid, en artikel 18, tweede, vijfde en zesde lid, van de Participatiewet, de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de IOAW en de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de IOAZ worden in ieder geval vermeld: de reden van de maatregel; de duur van de maatregel; het percentage waarmee de uitkering wordt verlaagd en, indien van toepassing, de reden om af te wijken van een in de verordening opgenomen maatregel. 2.. Een besluit tot het opleggen van een maatregel na een gedraging waardoor een verplichting als bedoeld in artikel 9 en 9a van de Participatiewet, artikel 37 en 38 van de IOAW en artikel 37 en 38 van de IOAZ niet of onvoldoende wordt nagekomen, komt tot stand na collegiaal overleg.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel