Voor het uitvoeren van de risicoanalyse is gebruik gemaakt van een landelijk risicomodel van het ministerie van Veiligheid & Justitie. Dit model gaat uit van de definitie: Risico = (negatief effect) x (de kans dat dit effect voorkomt). Anders gezegd houdt het model in dat van alle te onderscheiden activiteiten (feitelijk de overtredingen) de kans wordt bepaald dat er iets gebeurt en dat deze kans wordt afgezet tegen de ernst van de gevolgen daarvan (het negatief effect). De volgende zes categorieën zijn gedefinieerd om het effect van een (potentiële) overtreding te bepalen:
Veiligheid: In hoeverre leidt de overtreding tot aantasting van de fysieke veiligheid en leidt de overtreding tot veiligheidsrisico’s voor de omgeving of derden?
Volksgezondheid: In hoeverre heeft de overtreding gevolgen voor de volksgezondheid?
Natuur/milieu/omgevingswaarde: Leidt de overtreding tot aantasting van het natuurschoon en/of de omgeving?
Financieel-economisch: Hoe groot is de financieel-economische schade bij het plaatsvinden van de overtreding?
Leefbaarheid: In welke mate zorgt de overtreding voor aantasting van de kwaliteit van de sociale leefomgeving?
Imago overheid: In welke mate leidt de overtreding tot imagoschade van het bevoegd gezag?
Per activiteit c.q. overtreding is op basis van praktijkervaring van de betrokken medewerkers bepaald hoe op de categorieën wordt gescoord en hoe groot daarmee de kans op overtredingen is. De inschatting van de risicoanalyse is een momentopname. Deze analyse wordt jaarlijks gecontroleerd op actualiteit. Naar aanleiding van de evaluatie kunnen de analyses worden bijgesteld. Eens in de vier jaar zullen de analyses geheel worden herzien in een nieuwe nota.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.1
Risicoanalyse algemeen
Onderdeel van Integrale uitvoeringsnotitie Handhaving 2017 gemeente Schiedam