Naar hoofdinhoud
1.. Een lid van de raad doet opgave van zijn financiële belangen in onderneming en organisaties, waarmee de gemeente zakelijk betrekkingen onderhoudt. De opgave is openbaar en door derden te raadplegen. 2.. Bij privaat-publieke samenwerkingsrelaties voorkomt een raadslid (de schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke concurrentieverhoudingen. 3.. Een oud-lid van de raad wordt het eerste jaar na de beëindiging van zijn raadsperiode uitgesloten van het tegen beloning verrichten van werkzaamheden voor de gemeente. 4.. Een lid van de raad die familie- of vriendschapsbetrekkingen of anderszins persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten aan de gemeente, onthoudt zich van deelname aan de besluitvorming over opdrachten aan die betreffende aanbieders. 5.. Een lid van de raad neemt van een aanbieder van diensten aan de gemeente geen faciliteiten of diensten aan die zijn onafhankelijke positie ten opzichte van de aanbieder kan beïnvloeden.

Rechtspraak bij dit artikel