De functionarissen dienen bij de uitoefening van het ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging de volgende aanwijzingen in acht te nemen:

  • - Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen.
  • - b. In geval van mandaat worden uitgaande stukken als volgt ondertekend:

"Namens de burgemeester van Amsterdam / het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

[naam van de gemandateerde]

[functieaanduiding]

[handtekening

  • - Wanneer alleen wordt ondertekend in mandaat, dient uit het besluit te blijken dat het besluit door het bestuursorgaan zelf is genomen:

De burgemeester van Amsterdam / Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

ondertekend namens deze / dezen,

[naam gemandateerde]

[functieaanduiding]

[handtekening]"

  • - De wijze van ondertekening betreffende mandaat is van overeenkomstige toepassing op volmacht en machtiging.