1.In aanvulling op de tussentijdse rapportage (zie artikel 6) informeert het college de raad
in het begrotingsjaar middels 3 financiële rapportages:
a.De 1e financiële rapportage (april) behandelt enkel de budgetaanpassingen over de eerste 3 maanden
van het lopende begrotingsjaar.
b.De 2e financiële rapportage behandelt de budgetaanpassingen over de eerste 6 maanden en maakt
onderdeel uit van de schriftelijke tussentijdse rapportage in september.
c.De 3e financiële rapportage (november) behandelt enkel de budgetaanpassingen over de eerste 10
maanden van het lopende begrotingsjaar. In de voorstellen tot begrotingswijziging worden budgetten
bijgesteld die in het volgend begrotingsjaar besteed zullen gaan worden.
2.Al deze bovenstaande financiële rapportages omvatten (indien aanwezig) een voorstel tot
begrotingswijziging met toelichting en een financieel overzicht bijgewerkt tot dat moment (financiële foto).
3.De schriftelijke tussentijdse rapportage in september waar de 2e financiële rapportage onderdeel van uit
maakt, bevat aanvullend:
Een toelichting op de financiële afwijkingen ten opzichte van de gewijzigde begroting inclusief begrotingswijzigingen van groter dan € 50.000 per resultaatgebied;
Een totaaloverzicht van alle bijgestelde budgetten, gespecificeerd naar incidenteel en structureel, inclusief de voorgestelde dekking en een begrotingswijziging;
Een overzicht van de uitputting van de begrotingspost onvoorziene uitgaven;
Een financieel overzicht van alle investeringskredieten in uitvoering waarbij per investeringskrediet inzicht gegeven wordt in de uitgaven, de resterende verplichting en het verwachte resultaat.
Een verantwoording over het gevoerde financieringsbeleid.
Een prognose van het verwachte jaarresultaat.