Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.3

Weigeringsgronden

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning 2016

Het college kan een pgb weigeren wanneer: Blijkt dat de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft versterkt en de verstrekking van juiste of onvolledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid. De aanvrager niet voldoet aan de aan het pgb verbonden voorwaarden. De voorwaarden zijn: - de aanvrager moet naar oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat zijn de aan pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Dat mag ook met hulp uit zijn sociale netwerk of van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde. - Naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de ondersteuning van goede kwaliteit is. De belangrijkste eisen daarbij zijn dat de zorg veilig, doeltreffend en cliëntgericht geleverd wordt. De aanvrager het pgb niet of voor een ander doel gebruikt. Als de voorziening niet noodzakelijk zal zijn gedurende de gehele afschrijvingstermijn (bijvoorbeeld bij kindvoorzieningen waar het kind uit groeit). Het pgb is bedoeld voor begeleiding- of administratiekosten in verband met het persoonsgebonden budget. De aanvrager zich in het verleden niet aan de voorwaarden voor een pgb heeft gehouden. De aanvrager kan bezwaar aantekenen wanneer het college het pgb weigert.

Rechtspraak bij dit artikel