**1..** Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt op de dag waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt. Zolang de leden deel uitmaken of Voorzitter zijn van de raad die hen heeft aangewezen, dan wel wethouder zijn van een gemeente door welker raad zij zijn aangewezen, behouden zij het lidmaatschap tot dat in hun opvolging is voorzien.
**2..** De raden van de gemeenten beslissen zo mogelijk in de eerste vergadering van elke zittingsperiode, maar zo spoedig mogelijk na het begin van een nieuwe zittingsperiode over de aanwijzing van de leden van het algemeen bestuur. Aftredende leden kunnen opnieuw als lid worden aangewezen.
**3..** Indien tussentijds een plaats van een lid van het algemeen bestuur beschikbaar komt, wijst de raad die het aangaat, in zijn eerstvolgende vergadering of, zo dit niet mogelijk mocht zijn, zo spoedig mogelijk daarna een nieuw lid aan.
**4..** Van elke aanwijzing tot lid van het algemeen bestuur geven burgemeester en wethouders van de gemeenten binnen twee weken kennis aan de voorzitter van de Regio.
**5..** Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Het ontslag wordt meegedeeld aan het algemeen bestuur en aan de gemeenteraad die het lid heeft aangewezen.
**6..** Het algemeen bestuur kan vertegenwoordigers uitnodigen in de vergaderingen van het algemeen bestuur. In de vergaderingen kunnen zij van hun gevoelen ten aanzien van de te behandelen onderwerpen doen blijken.
**7..** Onverminderd het bepaalde in het zesde lid kan het algemeen bestuur zich doen bijstaan door adviseurs.