De aanvragen worden gewaardeerd aan de hand van de volgende criteria:
• Passend bij het gemeentelijk beleid: de mate waarin het voorstel de realisatie van de subsidiedoelstelling en het gemeentelijk beleid in dit kader ondersteunt. Bij de bepaling hiervan worden de onder artikel 8 beschreven onderdelen van het voorstel betrokken.
• Efficiënt en effectief: de mate waarin het mogelijk is met het voorstel kwetsbare inwoners effectief te bereiken met de inzet van zo min mogelijk middelen. Hierbij zijn de omvang van de daginvulling en het aantal deelnemers afgezet tegen de kosten een belangrijk criterium.
• Voor en door: de mate waarin de doelgroep zelf bepalend is in de ontwikkeling van het aanbod en een actieve rol heeft in de realisatie er van en de gehanteerde ondersteuningsnorm.
• Samenhang: de mate waarin het aanbod is afgestemd op overige activiteiten, ondersteuning en voorzieningen die van belang zijn voor de doelgroep en ‘doorstroom’ hiertussen is eenvoudig en tijdig. Hierbij kan voorrang worden gegeven aan voorstellen die de in de wijk beschikbare ruimten optimaal benutten en doorstroom naar andere activiteiten op die plek ondersteunen.
• Passend bij behoefte wijk: de mate waarin het voorstel aanvullend en noodzakelijk is in de wijk gezien het aantal kwetsbare inwoners en overige aanvragen.
• Variatie: beoogd wordt variëteit in het aanbod te hebben.
• Spreiding: we streven naar een redelijke spreiding van het aanbod over de stad die aansluit op waar de inwoners voor wie deze beleidsregel bedoeld is wonen;
• Culturele sensitiviteit: de mate waarin uit het voorstel blijkt dat de werkwijze wordt afgestemd op de diversiteit van de groep waarmee gewerkt wordt. Dit kan onder andere tot uitdrukking komen in de samenstelling van het personeelsbestand.
In de besluitvorming:
• kan de voorkeur worden gegeven aan voorstellen die mogelijkheden benutten om op andere manieren inkomsten te genereren, zoals een samenwerking met sociaal ondernemers en de verkoop van producten/diensten;
• zal een klein deel van het beschikbare budget worden toegekend aan de ondersteuning van KEI-vrijwilligers. Bovendien kan de voorkeur worden gegeven aan organisaties die ervaring hebben met dit type ondersteuning;
• kan een deel van de middelen verleend worden aan voorstellen die gericht zijn op het vergroten van digitale vaardigheden die van belang zijn voor de zelfredzaamheid;
• wordt tenminste 20% van de beschikbare middelen besteed aan activiteiten in het kader van Dagondersteuning;
• Kan een deel van het beschikbare subsidiebedrag voor meerdere jaren worden verleend. Het uitgangspunt is dat minimaal 40 procent van het beschikbare bedrag verleend wordt voor de duur van een jaar zodat er de ruimte is om het aanbod en de ondersteuning jaarlijks af te stemmen op de ontwikkelingen in de stad.
Hoofdstuk
Artikel 10
Beoordelingscriteria en besluitvorming
Onderdeel van Beleidsregel sociale prestatie en dagondersteuning gemeente Utrecht