1.Groepsactiviteitenaanbod
Het realiseren van groepsactiviteiten die bijdragen aan participatie en zingeving. Het aanbod is gericht op de Wmo-brede doelgroep, tenzij het aantoonbaar van belang is de activiteiten te richten op een specifieke doelgroep. Uitgangspunt bij dit aanbod is dat het gebaseerd is op de interesse en behoefte van deelnemers en zoveel mogelijk door de deelnemers georganiseerd wordt. De activiteit sluit aan bij veranderende interesse en behoeften van de deelnemers. De activiteit staat open voor nieuwe deelnemers.
2.Ondersteuning van groepen
Het ondersteunen van de deelnemers van groepsactiviteiten zoals beschreven bij artikel 6 punt 1. De professionals die ingezet worden voor de ondersteuning zijn kundig en ervaren in het werken met de betreffende doelgroepen.
Voor en door:
Het gaat het om de ondersteuning die de betrokkene zelf aangeeft nodig te hebben om over drempels heen te stappen, de eigen talenten in te zetten en duurzaam actief te zijn. Het principe van ‘voor en door’ is een belangrijk uitgangspunt. Dat houdt ook in dat de betaalde beroepskracht zich meer op de achtergrond bevindt. We denken daarbij aan een ondersteuningsnorm van 1 fte op minimaal 40 deelnemende beperkt zelfredzame inwoners, naar rato van de omvang van de daginvulling (100% is 10 dagdelen).
Aansluiten bij vraag en talent:
De ingezette werkwijzen sluiten aan op deze vraag en zijn dus flexibel. Bij alle vormen van ondersteuning is het talent in plaats van de beperking het uitgangspunt en is er aandacht voor empowerment, stigmabestrijding en diversiteit. Dit kan onder andere worden ingevuld door het benutten van ervaringsdeskundigheid.
Samenwerken in buurt en stad:
De deelnemer wordt door de organisatie ondersteund bij groei of terugval in competenties en verandering van interesses. Als de organisatie deze veranderde behoefte niet zelf kan ondersteunen, wordt een doorverwijzing gefaciliteerd. De organisatie heeft een goed netwerk in de buurt en in de stad om dit mogelijk te maken.
3.Ondersteuning van Bijzondere vrijwilligers
De organisatie die de ondersteuning biedt aan Bijzondere vrijwilligers:
• onderhoudt contact met het netwerk van vrijwilligersorganisaties, andere zorg/welzijnsaanbieders en (kleine) (sociaal) ondernemers, zodat door goede netwerksamenwerking de best passende plek kan worden gevonden voor de Bijzondere vrijwilliger;
• zorgt ervoor dat de organisatie waar de Bijzonder vrijwilliger aan de slag gaat voorbereid is op zijn of haar komst,
• zorgt ervoor dat de Bijzondere vrijwilliger wordt ingewerkt,
• houdt regelmatig contact met de Bijzondere vrijwilliger en houdt daarmee de voortgang en behoeften in de gaten in gemiddeld 60 minuten per week,
• biedt zelf ook groepsaanbod sociale prestatie aan, zodat de Bijzondere vrijwilliger hierop kan terugvallen indien nodig,
• is aanspreekpunt voor de collega’s van de Bijzondere vrijwilliger.
Hoofdstuk
Artikel 6
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Beleidsregel sociale prestatie en dagondersteuning gemeente Utrecht