Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1

Bijbehorende bouwwerken

Onderdeel van Beleidsregel afwijkingsbeleid ruimtelijke ordening 2015

Voor bijbehorende bouwwerken bestaan ruime mogelijkheden tot vergunningsvrij bouwen. In een aantal gevallen bieden deze echter geen oplossing, vanwege de hoogtebeperking die de vergunningsvrije regels stellen, of omdat de situering van het perceel de vergunningsvrije mogelijkheden beperkt. In dat geval wordt teruggevallen op de regels die het ter plaatse geldende bestemmingsplan stelt. De maximale oppervlaktemaat aan bijbehorende bouwwerken die volgens het bestemmingsplan bij eengezinswoningen zijn toegestaan, varieert in diverse bestemmingsplannen. Indien het bestemmingsplan een lager maximum of lager percentage noemt, kan vergunning worden verleend voor het oprichten van bijbehorende bouwwerken bij woningen tot een oppervlakte van ten hoogste 50% van het volgens het bestemmingsplan in aanmerking te nemen deel van het perceel, met een maximum van 75 m2. Op de op te richten bouwwerken zijn overigens de voorschriften van het betreffende bestemmingsplan van toepassing. Op grote percelen is een grotere oppervlakte denkbaar, hetgeen dan door middel van maatwerk kan worden ingepast. Bij recreatiewoningen op recreatieparken kan, voor zover dit ingevolge het bestemmingsplan niet is toegestaan, een vrijstaand bijbehorend bouwwerk en/of een aangebouwde overkapping tot in totaal 20 m2 oppervlakte worden vergund. De situering van bijbehorende bouwwerken ten opzichte van de oorspronkelijke recreatiewoning vindt plaats op de wijze die het ter plaatse geldende bestemmingsplan voorschrijft, of die ter plaatse gebruikelijk

Rechtspraak bij dit artikel