**1..** Een Bibob-quickscan vindt plaats bij de volgende aanvragen:
horecavergunningen (artikel 3 van de Drank- en Horecawet), met uitzondering van vergunningen voor paracommerciële horeca-inrichtingen als bedoeld in artikel 4 van de Drank- en Horecawet;
horeca-exploitatievergunningen (artikel 2:28 a van de Algemene Plaatselijke Verordening 2013 Gemeente Brunssum, eerste wijziging);
speelgelegenheden (artikel 2:39, lid 2, van de Algemene plaatselijke verordening 2013 Gemeente Brunssum, eerste wijziging);
vergunningen als bedoeld in artikel 2.1, lid 1, aanhef, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (omgevingsvergunning bouwactiviteit) ten behoeve van:
bouwactiviteiten met (door de gemeente vastgestelde) bouwkosten van € 500.000,- of meer;
bouwactiviteiten met (door de gemeente vastgestelde) bouwkosten tussen de € 50.000,- en € 500.000,- indien de aanvraag ziet op een gebruiksfunctie die valt binnen een van de navolgende risicocategorieën:
horecabedrijven;
seksinrichtingen (o.a. prostitutiebedrijven, erotische massagesalons, sekswinkels, seksbioscopen, seksautomatenhallen, sekstheaters, parenclubs);
escortbedrijven;
speelautomatenhallen;
afvalopslag-, afvalbewerkings- en afvalverwerkingsbedrijven (waaronder autosloperijen);
belwinkels;
de autohandel;
transportondernemingen;
loopbedrijven;
kapsalons;
cadeauwinkels;
kamerverhuurbedrijven waarbij sprake is van verhuur van 5 of meer kamers;
zonnestudio’s;
tattooshops;
fitnesscentra;
bedrijfsmatige sauna’s.
**2..** Na de toetsing van de reguliere aanvraag en het uitvoeren van de Bibob-quickscan wordt een volledige Bibob-toets toegepast indien vragen blijven bestaan over met name:
de bedrijfsstructuur, of de activiteiten in en/of in de directe omgeving van de onderneming;
de financiering van het bedrijf/bouwproject;
de omstandigheden in de persoon van de aanvrager, de financier van de onderneming/bouwproject, de eigenaar van het pand waarin de onderneming is gevestigd/ de eigenaar van het pand waarop het bouwproject betrekking heeft, of de eigenaar van de inventaris van de inrichting;
(andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat er sprake is van een ernstig gevaar dat de vergunning/ontheffing zal worden gebruikt voor het plegen van strafbare feiten, of het gebruiken van voordelen uit strafbare feiten;
(andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel gegeven vergunning/ontheffing een strafbaar feit is gepleegd.
Paragraaf 2:
Artikel 2.1