In de ‘Algemene Plaatselijke Verordening 2013 Gemeente Brunssum, eerste wijziging’ (verder: APV) zijn in Afdeling 7 regels met betrekking tot evenementen opgenomen. In artikel 2:24, eerste lid APV is aangegeven wanneer sprake is van een evenement. De definitie daarvan luidt:
‘elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak’
In het derde lid van artikel 2:24 APV is een driedeling voor de evenementen opgenomen:
A-evenement (beperkte impact op omgeving en voor verkeer);
B-evenement (grote impact op directe omgeving en/of voor verkeer);
C-evenement (grote impact op de stad en/of regionale verkeer).
In artikel 2:25, eerste lid APV is neergelegd dat voor elk evenement in beginsel een vergunning van de burgemeester is vereist. In het derde lid zijn de categorieën van gevallen van A-evenementen genoemd, die van de vergunningplicht zijn uitgezonderd.
Het systeem van de APV brengt mee dat, wil kunnen worden bepaald wanneer sprake is van een vergunningplichtig evenement, duidelijk moet zijn welk soort evenement aan de orde is. Dit betekent dat moet worden vastgesteld wat de impact van het desbetreffende evenement zal zijn. Aldus kan dan worden bepaald of sprake is van een A-, B- of C-evenement.
Om dit te (kunnen) bepalen is in de ‘Handreiking Aanpak Evenementen Veiligheidsregio Zuid-Limburg’ van juni 2011 (verder: Handreiking) een risicoscan opgenomen. Omdat deze risicoscan al in de praktijk wordt gebruikt, zal deze ook in de vorm van beleid, als bedoeld in artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) worden gehanteerd ter bepaling van de risico’s en daarmee ter bepaling van het soort evenement, als bedoeld in artikel 2:24, derde lid APV.
Aangezien de burgemeester het beslissingsbevoegde orgaan is, komt de vaststelling van het onderhavige beleid ook toe aan de burgemeester.