**1..** a. Het college verleent voorzieningen aan personen met beperkingen, die hen zoveel mogelijk in staat stellen tot zelfredzaamheid en deelname aan het maatschappelijk verkeer.
**2..** Een voorziening wordt alleen verleend als zij:
langdurig noodzakelijk is om de beperkingen op te heffen of te verminderen,
naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopste adequate voorziening kan worden beschouwd, en
in overwegende mate op de persoon van de aanvrager afgestemd is.
**3..** Een voorziening wordt niet verleend als:
zij voor een persoon zoals de aanvrager algemeen gebruikelijk is;
zij het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw overschrijdt;
zij aangeschaft of in uitvoering is vóór de datum waarop burgemeester en wethouders een besluit nemen op de aanvraag;
de aanvrager niet ingeschreven is in de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Waterland;
de ondervonden problemen te maken hebben met de aard van de in de woning gebruikte materialen;
er geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie vóórdat de aanvrager de beperkingen ondervond waarvoor de voorziening wordt aangevraagd;
een soortgelijke voorziening al eerder verleend is en de normale afschrijvingstermijn daarvan nog niet voorbij is - tenzij die voorziening verloren gegaan is als gevolg van omstandigheden die de aanvrager niet aan te rekenen zijn;
het gaat om het verwijderen van een aard- of nagelvaste woonvoorziening die met subsidie op grond van de Wvg of Wmo is verstrekt.
**4..** Het college kan een eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten vaststellen, die bij resp. de verstrekking van een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (een eigen bijdrage) of een financiële tegemoetkoming (een eigen aandeel) betaald moet worden en waarop de regels van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Waterland van toepassing zijn.
Indien een individuele voorziening mede inhoudt een algemeen gebruikelijke voorziening, wordt voor het gedeelte dat als algemeen gebruikelijk wordt aangemerkt, een besparingsbijdrage geheven, alvorens de voorziening wordt verstrekt. Indien deze voorziening in bruikleen is verstrekt en deze bij beëindiging blijkt te zijn verstrekt voor een kortere periode dan de gemiddelde afschrijvingsperiode van een dergelijke voorziening, kan het eigen aandeel naar gelang de tijd dat de voorziening is gebruikt terugbetaald worden.
HOOFDSTUK 1
Artikel 2
Reikwijdte van de verordening
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Waterland 2007